Het was noodzakelijk dat de
modellen van wat in de hemelen
is inderdaad hiermee gereinigd
worden, de ophemelse zelf echter
met betere offers naast deze
Hebreeën 9:23
De Thora had een schaduw
van het komende geestelijk
goede. Het bloed van stieren
en bokken kon niet werkelijk
reinigen. Het was tijdelijk, het
oude verbond droeg in zich
de noodzaak voor het nieuwe.
Het bloed bij de tabernakel
vloeide en ‘reinigde’ de voor-
werpen die in zichzelf gemaakt
waren naar het voorbeeld, op
op de berg aan Mozes getoond.
Hij zag de ware, ophemelse
dienst met dito voorwerpen.
De tabernakel was tijdelijk;
het ophemelse is blijvend. Dat
zal pas in de nieuwe schepping
blijken. Daarom klinkt hier
opnieuw het ‘beter’; betere
offers is hier in meervoud en
verwijst mogelijk naar meer
aspecten van het offer van de
Christus en Zijn bloed. Alleen
dat bloed kon de hemelse
‘dingen’ werkelijk reinigen.
Daarover kan onderwijs, ook
over de veelvuldige wijsheid
van God gegeven worden.