Want de wet, een schaduw
hebbend van de op het punt
staande goede dingen, niet
het beeld van de zaken zelf,
zij, met dezelfde offers van
hen, die zij elk jaar brengen,
kunnen nimmer hen die
naderen volmaken
Hebreeën 10:1
Ook Paulus noemt de wet als
schaduw (Kol.2:16,17).
Enkele aspecten, zoals het
eten, drinken, details van
festivals, nieuwe maan, de
sabbatten als schaduw.
Waarachtig licht liet nog op
zich wachten totdat de Heer
Jezus Christus kwam.
Mozes gaf de wet; genade
en waarheid zijn door Jezus
Christus geworden.
Later zou Christus Jezus alles
in het juiste licht stellen door
wat Paulus mocht onthullen.
De strekking in Hebreeën is
steeds, dat het oude nog erg
onvolmaakt was. En het was
tijdelijk, de herhaling maakte
dat ook helder. Dat wat zou
blijven moest nog komen.

