“De rechtvaardige van Mij
echter zal uit geloof leven,”
en “Ingeval hij zou terug-
deinzen, acht Mijn ziel hem
niet goed”
Hebreeën 10:38
Dit is de derde keer dat het
vers Habakuk 2:4 geciteerd
wordt; de andere twee zijn
Romeinen 1:17, Galaten 3:11.
Habakuk was onder de wet,
en toch gold geloof als de
reddende ‘factor’. Degene
die gelooft was rechtvaardig!
Dat was ook vóór de wet zo;
onder andere Abel, Abram,
Noach (Hebreeën 11).
Nu de wet voleindigd is in
Christus (Rom.10:4); geldt
rechtvaardiging voor ieder
die gelooft.
De Rechtvaardige is de
Heer Jezus Christus. Zijn
geloof is doorslaggevend;
in genade weten wij ons
ook rechtvaardig verklaard.
Christus leefde uit geloof;
zo ook wij. En dat is het
principe dat met genade
overeenstemt.