Wij dan, een grote Hogepriester
hebbend Die door de hemelen
gekomen is, Jezus, de Zoon van
God, zouden vasthouden aan de
belijdenis.
Hebreeën 4:14
Nu gaat de schrijver verder
met zijn hoofdonderwerp:
De Heer Jezus is de Zoon van
God. Hij komt in de komende
eon in de bijzondere positie
voor Zijn geliefde volk Israël:
Hogepriester zijn.
De belijdenis is: Jezus is de
Messias, de Christus, de Zoon
van God is; na Zijn opwekking
uit de dood is Hij als de Zoon
in volle autoriteit gesteld door
Zijn Vader. Hij is verhoogd aan
de rechterhand van God, en
ontving alle volmacht in de
hemel en op de aarde.
Opvallende opmerking is, dat
Hij de hemelen doorgegaan
is. Een aanvullende ‘hint’, die
volgt op de uitspraak van 3:1.
Gelovige broeders uit Israël
zouden luisteren naar wat in
hun dagen ook klonk en zo
deelhebben aan de ophemelse
roeping.