Woord vandaag
Die dat niet in overeenstem-
ming met de wet van een
vleselijk gebod geworden is,
maar in overeenstemming
met de kracht van onvergan-
kelijk leven
Hebreeën 7:16
In dit vers zien wij opnieuw
het verschil met wat Israël
in het vlees had en wat deze
brief aanreikt. Daar was de
priesterorde van Aäron, die
uitging van vleselijke komaf.
We noteren ook: het gebod
had te maken met het vlees;
de Mozaïsche onderwijzing
was het op het vlees gelegd.
Paulus laat in zijn brieven
Gods bedoeling ermee zien.
De orde van koning-priester
Melchizedek was voor de
Heer naar een geestelijke lijn.
Ook daarin nam Hebreeën de
gelovige Israëliet mee, weg
van het vlees naar geestelijke
waarheden. En zo naar wat
Paulus verkondigt.
Dit is zichtbaar in:
wet-vleselijk-gebod versus
kracht-onvergankelijk-leven.
Woord vandaag
Nacht en dag smeken wij boven
alle mate om jullie aangezicht
te zien en het ontbrekende van
jullie geloof aan te passen.
1 Thessalonicenzen 3:10
Diep verlangen van Paulus was
het, voor Gods aangezicht, om
de medegelovigen te zien.
Hij smeekte God daarom, een
uiting daarvan was deze brief.
Hij wilde graag het geloof de-
len en de anderen zien rond
het Woord. Dankbaar was de
apostel voor wat hij over hun
geloof had gehoord. En toch
beluisterde hij door alles heen,
of door vragen die men had,
dat er iets ontbrak aan hun
geloof.
Deze belangrijke, wellicht eer-
ste brief geeft antwoord op de
vragen en biedt een uitzicht
dat de gelovige uit Israël niet
had. In hoofdstuk 4 zal dat aan
de orde komen, terwijl al iets
doorklonk in 1:10: de Heer zal
de gelovigen in veiligheid bren-
gen terwijl de verontwaardiging
van God nadert, maar nog niet
losgebarsten is.
Woord vandaag
Want welke dank kunnen wij
God teruggeven aangaande
jullie voor al de vreugde
waarmee wij ons vanwege
jullie verheugen vóór onze God?
1 Thessalonicenzen 3:9
Gods genade stroomt over in
dit beheer (huishouding) van
de genade van God (Efe.3:2).
God werkt in Zijn huis (lichaam
van Christus) niet met wet, wel
met genade. De tekst ademt
de genade van God.
Hij is Bron van alle vreugde.
De woorden dank, vreugde
en verheugen behoren tot de
de woordfamilie -char- met de
daarin vreugde, genade als de
belangrijkste afleidingen.
Paulus strekte zich uit tot God,
Zijn plaatser, die ook de onze is.
God is liefde en dat dringt door
in al wat Hij doet. Genade van
God is zoveel meer dan wat men
onder ‘vergeven’ en ‘goed doen’
verstaat.
Paulus: als hij bidt kan hij niet
anders dan overvloeien van
dank, vreugde als hij denkt aan
de gelovigen. Zoals hij, leefden
zij – en ook wij – voor God.
En dat is vreugde; laten ook wij
doen als de apostel; verheug je
over elkaar en schenk de ander
genade, God dankend.
Woord vandaag
En dit is nog veel
duidelijker, als in de
gelijkenis van Melchizedek
een andersoortige Priester
opstaat
Hebreeën 7:15
Dit is de geestelijke lijn die
getrokken wordt.
In de gelijkenis van wijst op
overeenkomst, terwijl ook
een verschil blijkt.
Melchizedek was voorloper;
de Heer ‘stamt’ volgens de
lijn in geestelijk opzicht ‘af’
van hem. Zo is te zien, dat de
Schrift bewust niets zegt over
Melchizedeks afstamming.
Het andersoortige laat zien,
dat dit Priester-zijn van de
Heer Jezus Christus zeker
van andere orde is dan wat
de Israëliet kende.
We zien hoe uitgebreid de
schrijver de gelovige zonen
van Israël meeneemt, wijst
op wat Gods geest ermee
wil zeggen.