de Joden, die ook de Heer
Jezus gedood hebben en de
profeten en ons verjagen en
God niet behagen en
tegenover alle mensen
staan, ons belettend tot de
natiën te spreken opdat zij
gered worden
1 Thessalonicenzen 2:15,16a
Paulus en de medewerkers
werden verjaagd. Dat was in
feite niets nieuws. In Tenach
is uitgebreid te lezen, hoe de
Joden (Israël) de profeten, in
Gods goedgunstigheid aan
hen gestuurd, belaagden en
opgejaagd hebben.
Zij spraken Jahweh’s woord,
en dat werd niet beantwoord.
Het was een rode lijn in de
geschiedenis van Israël. Ze
waren een belemmering in
plaats van een licht voor
de natiën. Het is in wezen
verbazingwekkend, dat God
steeds mensen stuurde.
Israël was afwijzend; Paulus
had daarvan veel verdriet
en pijn in het hart. Juist zij
waren blokkerend als het
om redding voor de natiën
ging. Toch opende God de
sluizen van overstromende
genade en nog steeds leven
wij in een aangename tijd.
Zo mocht Paulus spreken,
dat doet hij ook nu!