Want nog een zeer zeer
korte tijd, dan zal Hij Die
komt aankomen, en Hij
zal niet uitblijven.
Hebreeën 10:37
Hier citeert de schrijver de
Tenach, Habakuk 2:3, dat Hij,
Jahweh, zeker zal komen en
niet achterblijven. In feite
wordt tegen Habakuk gezegd
dat het visioen wat hij zag,
niet lang uit zou blijven. Dan
zou de Heer komen, richten.
Dat wordt tegen de Hebreeën
gezegd opdat zij verwachting
van heil en redding blijven
koesteren en niet verslappen.
Het is: wandel in geloof op
de grote beloften van God.
In het vervolg is dat thema
voorop in deze rijke brief.
Ook voor ons als leden van
het lichaam van Christus is
dit een aanmoediging, we
blijven verlangend uitzien en
het verwachten van Hem!