een Bedienaar van de heilige
plaatsen en de waarachtige
tent, die de Heer opgeslagen
heeft, en niet een mens
Hebreeën 8:2
Nadat in vers 1 in de hemelen
klonk, wordt Christus nu als
de Bedienaar aangemerkt. De
speciale functie die direct te
maken heeft met Zijn positie
als Hogepriester. Dat is Hij nu
niet op aarde, dat duurt nog
even. De heilige plaatsen en
de waarachtige tent moet
verwijzen naar de tabernakel,
het heilige en het heilige van
de heiligen. Het gaat dan om
iets bijzonders. De Heer heeft
deze opgeslagen, en opdat wij
niet denken aan mensenwerk:
en niet een mens. Wat heeft de
schrijver – door de heilige geest
geleid – dan bedoeld? Mozes
had de tabernakel laten
opbouwen naar het voorbeeld
dat hem op de berg getoond
was. De hemelse tabernakel, en
dat is een die de Heer Zelf had
gemaakt en opgezet.
Dat was en is verkondiging van
de hemelse ‘dingen’.