Woord vandaag
in staat gematigd mee te
voelen met de onwetenden
en dwalenden, daar híj ook
omgeven is met zwakheid
Hebreeën 5:2
Een hogepriester had een
belangrijke functie in Israël.
Maar, het was ook een mens,
net als alle anderen. Hoewel
bijzonder, en vertrouwd met
de onderwijzing van Jahweh,
was deze ook met zwakheid
omgeven. Juist daardoor kon
de hogepriester alle begrip
opbrengen. Zowel priesters
als het volk in het algemeen;
hij droeg ze – als het goed is –
op zijn hart. Net als de twaalf
(edel)stenen, die de twaalf
stammen voorstellen.
De onwetenden, dwalenden;
hij kon met zekere mildheid
naar hen omzien, ze biddend
bij Jahweh, de troon van de
barmhartigheid, brengen.
Zo kon de hogepriester in
dubbele zin middelaar zijn
tussen Jahweh en zijn volk.
Wat een prachtig type van
onze Heer Christus Jezus!
Woord vandaag
Want iedere hogepriester uit
mensen verkregen zet zich in
voor mensen wat voor God is,
opdat hij naast naderingsgaven
ook offers brengt voor zonden
Hebreeën 5:1
De ‘offers’ van Leviticus 1-7
staan in een opvallende orde.
Eerst het ‘brand’- of ‘opstijg’-
offer. Daarna het spijsoffer en
vredesoffer. Deze waren voor
Jahweh een welriekende reuk.
Daarna de schuld- en zond-
offers, die niet tot welriekende
reuk voor Jahweh waren.
Jahweh, de God van Israël, liet
daarin het principe zonde voor
zonde zien. Het ‘zondoffer’ is
in Hebreeuws kortweg ‘zonde’.
Daarmee werd duidelijk, dat
een andere zonde de zonde(n)
van de zondaar wegdoet.
Zo werd de Heer Jezus Christus
als het Lam van God tot zonde
gemaakt (2Kor.5:21). Daarmee
deed God de zonde weg, het
‘probleem’ van de zonde was
zodoende opgelost – voor God.
Zolang in Gods plan van eonen
voor de schepselen nog niet al
de nodige lessen geleerd zijn,
blijft het zondigen doorgaan.
Zo zal Christus, bijvoorbeeld, aan
het begin van het koninkrijk op
aarde, dit doen:
En zo zal heel Israël gered
worden, zoals geschreven is:
“Hij Die bergt zal aankomen
uit Sion, Hij zal de oneerbiedig-
heden afkeren van Jakob. En dit
is het verbond van Mij met hen,
wanneer Ik hun zonden zou
afhakken.” Rom.11:26,27
Woord vandaag
Want iedere hogepriester uit
mensen verkregen zet zich in
voor mensen wat voor God is,
opdat hij naast naderingsgaven
ook offers brengt voor zonden
Hebreeën 5:1
Onder het oude verbond wezen
de ‘offers’, ofwel naderingsgaven
op de grote Naderingsgave, Die
komen zou: Christus Jezus.
In de Thora was strikt geregeld,
dat de hogepriester nageslacht
van Levi was. Aäron als eerste,
en later één van zijn zonen, en
zo voorts. Zo was de juiste lijn
in de stam van Levi verzekerd.
Net zoals de koning uit de stam
van Juda zou komen. Bij de 10
stammen werd dat anders.
Toch zal later, bij de eenheid
onder het nieuwe verbond, de
Koning de Leeuw uit de stam
van Juda zijn. De Messias Jezus.
In Mattheüs 1 is dat vastgelegd,
Hij stamt af van David en heeft
daarom recht op de troon over
Israël. Als het om de eredienst
van Israël gaat: Hij werd Zelf als
Lam geslacht en stierf voor de
zonde van de wereld.
Vader, dank U wel.
Woord vandaag
Want iedere hogepriester uit
mensen verkregen zet zich in
voor mensen wat voor God is,
opdat hij naast naderingsgaven
ook offers brengt voor zonden
Hebreeën 5:1
Een hoofdonderwerp van deze
brief is: het hogepriesterschap
van Christus. Dat is vanaf 4:14
naar voren gebracht. Nu gaat
de schrijver daar verder op in.
Bij Israël erg bekend door de
vele jaren tabernakeldienst en
tempeldienst. Alleen op grote
verzoendag, Jom Kipoer, kon
hij een dier slachten waarvan
het bloed tot in het heilige van
de heiligen gebracht werd.
Zo kon het volk weer een jaar
verder, de zonden waren dan
weer ‘beschermd’.
Zodoende was de hogepriester
een middelaar tussen God en
Zijn volk, als type van de ware
Middelaar Die zou komen: de
Heer Jezus Christus, de Zoon
van God. Alles wees naar Hem.