Daarom, verlaten wij het
woord van het begin van
de Christus, opdat wij tot
de rijpheid gebracht
worden (niet weer het
fundament neerwerpend:
van bekering van dode
werken en geloof in God
Hebreeën 6:1
De tegenstelling in de vorig
verzen was onmondigen en
gerijpten (volwassenen). De
onmondigen bleven bij melk
hangen. De schrijver van de
brief geeft aansporing om
verder te gaan. Volwassenen
hoeven dat niet te horen, in
de tijd zijn zij gegroeid in het
geloof. De gelovigen uit het
volk Israël moeten verder,
en zo niet, dan komen in dit
6e hoofdstuk consequenties
naar voren.
Begin(selen) van het woord
van de Messias Jezus waren
verkondigd. Zes aspecten die
in 6:1b-3 worden genoemd
als funderende ‘stenen’; zij
waren door de wegvallende
Israëlieten in hun ongeloof
neergeworpen. Zij waren in
de tijd niet gegroeid op deze
fundering, maar zij wierpen
die in ongeloof neer.
Zij zullen geen deel hebben
aan het aardse koninkrijk van
Jezus Christus.