Wij dan, een grote Hogepriester
hebbend Die door de hemelen
gekomen is, Jezus, de Zoon van
God, zouden vasthouden aan
de belijdenis.
Hebreeën 4:14
Dit door de hemelen gekomen
is vermoedelijk op de dag van
Zijn opstanding gebeurd. Eerst
zei de Heer tegen Maria: ‘raak
Mij niet aan’, later op dezelfde
dag kwam Hij te midden van
Zijn discipelen in de opperzaal
en liet Zijn wonden zien.
Waarschijnlijk mochten zij Hem
toen wel aanraken. Mogelijk is
wel, dat Maria Magdalena en
de andere Maria Zijn voeten
hebben (vast)gehouden, zoals
Mattheüs 28:9 ons vertelt. Of
dat vóór of na Zijn uitspraak
over niet aanraken is geweest,
is moeilijk te achterhalen.
In ieder geval heeft Hij aan de
hemelse machten en krachten
laten zien wat er gebeurd was,
of is op zijn minst krachtig en
triomferend dat geheraut, in
Zijn opvaren naar de Vader.