Woord vandaag

‘Machtig, die vrede die door God bewerkt is.’

Heel bijzonder wat in Kolossenzen 1:20 staat. Een machtig woord,
dat de kern van het evangelie voor vandaag is. God maakte vrede
in het bloed van het kruis. Het kruis waaraan de Zoon van Zijn lief-
de hing. En Hij was niet alleen de Eerstgeborene van heel de schep-
ping, maar ook de Eerstgeborene uit de doden. Eerst zegt de tekst
dat, en pas daarna komen vers 19 en 20.

‘Vader maakte vrede. Heel de schepping.’

Ja een bijzonder fijne tekst. God maakte vrede, daar op Golgotha.
Hij heeft de wereld, en meer nog, het al weder met Zich verzoend.
Doordat de Zoon door de dood heen moest gaan. En wat een dood
was dat! Die van het kruis. Het bloed van het kruis spreekt zowel
van het diepe lijden als van het vreselijk smalende karakter van
Zijn dood. Hij stierf alsof Hij een crimineel van die dagen was.
Terwijl Hij zonder zonde was.

‘Ja, ik vind dat indrukwekkend.’

Zo veel christenen hebben in de loop van de afgelopen 2000 jaar
het zwaard en vijandigheid verkondigd. Terwijl het een boodschap
van vrede had moeten zijn. God maakte immers vrede door het
bloed van Zijn kruis! En zo verzoent God het al weder met Zichzelf.
Dat betreft niet alleen de mensen, heel de mensheid. Maar ook al
de hemelse machten en krachten zijn erin betrokken. En het is dé
functie van het lichaam van Christus om in de komende eonen die
boodschap aan de hemelingen te brengen. 

Woord vandaag

‘Goed om te beseffen dat wij vrede mogen verkondigen.’

Vrede is het kernwoord van het geheimenis van het evangelie.
Dat wil niet zeggen, dat het evangelie zelf een geheimenis is, maar
een specifiek verborgen aspect, dat Paulus mocht onthullen. Net
zoals Johannes door zijn schrijven van de boekrol Openbaring als
het ware onthulde wie Jezus Christus is. Naar de wereld toe zal
dat laatste blijken wanneer Hij werkelijk gaat komen.

‘Maar was is het geheimenis van het evangelie?’

De verzoening. In Tenach was al wel iets bekend over gerechtig-
heid door geloof (Genesis 15), maar de verzoening zoals Paulus
die mocht verkondigen? Dat was onbekend. We hebben in de
studie Galatenbrief weleens stilgestaan bij de verzoening. En de
verschillen tussen bescherming/bedekking en verzoening. Toen
hebben we gezien, dat het verschillende woorden zijn met een
verschillende betekenis.

‘De verzoening van de wereld.’

Ja, zowel Johannes als Paulus gebruiken die uitdrukking, althans
volgens onze bijbelvertalingen. Wanneer je naar de grondtekst
teruggaat, lees je dat Johannes spreekt over bescherming of be-
dekking
, terwijl Paulus spreekt over neerwaarts –veranderen,

of verzoenen. De diepere uitwerking van het kruis komt in de
verzoening naar voren. Dan is er niets meer tussen God, de Vader,
en de zondaar, die van een vijand in een vriend is veranderd! 

Woord vandaag

‘Geweldig, dat alle vijandschap weg zal zijn, maar vandaag dan?’

Vandaag, wanneer wij het evangelie kennen, dat vandaag zou klin-
ken, dan zouden wij onze vijanden niet vijandig behandelen. Maar,
met en vanuit het evangelie de vrede. God heeft vrede gemaakt in
het bloed van Zijn kruis. En op basis van die vrede, verzoent Hij het
al weder met Zichzelf. Al wat verzoening nodig heeft, verzoent Hij!

‘En wij leven daaruit?’

Dat houdt in dat je anders naar de ander kan kijken. De ander is
misschien in het gedrag afstotend, we leren van Hem om daaraan
voorbij te zien. Wij kunnen vijandigheid niet met gelijke munt te-
rugbetalen, we kunnen geen rechtszaken tegen broeders voeren.
Evenmin past het ons, een vijandige houding tegen de wereld
aan te nemen. 

‘We zijn rijk met zo’n evangelie.’

Het draagt de vrede uit,-die Vader zelf naar de wereld toe laat
zien. En daarom kunnen wij de ander dat tonen. Ons contact met
de aarde, de wereld, de mensen, zou dit ademen. Vrede. Ook
wanneer aanvallen komen van met name de orthodox religieuze
mensen. Daar ondervond de apostel van het evangelie van de
vrede de meeste tegenwerking van!

Woord vandaag

‘Wat een genade, dat Vader ons inzet voor de hemelingen.’

Je moet steeds aan die woorden uit 1 Corinthiërs 2 denken, waar de
apostel citeert uit Tenach. Wat geen oor hoorde en wat met het oog
niet waargenomen kan en wat in het hart niet opkomt. Dát heeft Hij
bereid voor hen die Hem liefhebben. Al wat wij niet konden beden-
ken, dat maakt Hij voor ons gereed.

‘Wat een enorm voorrecht voor ons.’

Wij waren niet de eersten, dat gold voor Israël op aarde. Zij werden
geroepen en pas daarna zouden de natiën aan de beurt komen.
In feite heel vreemd, inderdaad, dat het lichaam van Christus eerst
geroepen wordt. Daarna gaat Vader verder met Zijn volk, Zijn oog-
appel. De laatsten werden de eersten.

‘Het plan gaat over iedereen, toch?’

Het lijden en sterven van die Ene, Jezus Christus, was voor allen. Hij
heeft dat gedaan wat nodig was tot redding van de wereld. In feite
is na Zijn werk alles genade. Wij kunnen er niets aan toevoegen.
Paulus spreekt voortdurend vanuit die overwinning. En Hij gaat over-
winnend door totdat Hij al Zijn vijanden onder Zijn voeten gesteld
heeft. Alle vijandschap en vijanden zullen eens verdwenen zijn.
Wat daarvoor in de plaats komt, zijn: Gods liefde en genade!

Woord vandaag

‘Het gaat over aspecten, waar je nooit iets over hoort.’

Het valt te begrijpen, want de vertalers hebben geen weet gehad van
de hemelse aspecten. Het geheimenis van de Efezebrief is onbekend
geweest totdat God gaf, dat het opnieuw ontdekt werd. Wat mij be-
treft is dat een signaal, dat we in de slotfase van de tijd van genade
leven. De laatste honderdvijfig jaar is erg veel naar voren gekomen.
Uiteindelijk een gevolg van de reformatie bij Luther.

‘Dat woord van God kwam weer voor iedereen beschikbaar.’

Niet alleen Luther vertaalde in het Duits, maar in het Engelse taalge-
bied werd ook aan vertaling gewerkt. Daardoor kon in principe ieder
Zijn woord weer lezen. Zo kwam honderden jaren later een woorden
lijst (concordantie) van de talen Hebreeuws en Grieks beschikbaar.
Zo werd duidelijk, dat ook de bestaande vertalingen aangepast moes-
ten worden om consequent te kunnen lezen. Terug naar het Woord!

‘Ondanks dat had men steeds geen zicht op Efeziërs.’

De hemelse bediening van het lichaam van Christus werd ontdekt.
Dat kwam mede door het gebed uit Efeziërs 1:17-20 om een geest
van wijsheid en onthulling in erkenning van Hem. Door deze bijzon-
dere toedeling van Zijn geest kan Efeziërs in de diepte verstaan wor-
den. Ondanks onwetendheid nu over die aspecten zal het lichaam
van Christus nochtans ingezet worden. Boven. Na de bazuin.

‘Dat gebeurt dus toch, ondanks dat men het niet weet?’

Ja, want God behandelt het lichaam van Christus in genade. Wij zijn
in genade geredden (Efeziërs 2:5,8). Dus onafhankelijk van onze wer-
ken, ons geloof (het is Zijn geloof), onze kennis of wat dan ook.
God voert Zijn plan uit, ook met dat bijzondere lichaam van Christus.
Of zij dat nu al weten of niet. Dat geldt ook voor Israël, of zij nu wel
of niet weten hoe God hen zal inzetten, Hij zal doen naar Zijn woord!