Nu echter Timotheüs van
jullie naar ons toe gekomen
is en ons de goede boodschap
bracht van jullie geloof en
jullie liefde – en dat jullie een
goede herinnering aan ons
hebben, altijd ernaar
verlangend ons te zien, net
als ook wij jullie
1 Thessalonicenzen 3:6
Het verlangen van Paulus en
de Thessalonicenzen naar
elkaar was intens.
Dat kwam door de geestelijke
band die was ontstaan. Paulus
had met hen het evangelie van
God gedeeld. Zij geloofden dat
zonder meer. God werkte daar
op bijzondere wijze: snel, goed
en ingrijpend.
Zij bleven enthousiast het aan
hen gebrachte evangelie volgen.
Er waren ook Israëlieten die dat
evangelie geloofden.
Zij verwachtten, dat de Messias
zou terugkeren naar Zijn volk.
De Representant van Jahweh,
Die zou komen en Zijn voeten
op de Olijfberg zou zetten.
Zij wisten dat de Messias Jezus
het is, Die voor hen stierf en
was opgewekt uit de doden.
Deze Joodse gelovigen konden
ook weten uit Tenach, dat nog
een grote verdrukking over hen
zou komen voordat de Messias
zou komen.
Toch horen zij nu, dat Jezus hen
zou bergen uit het komen van
de verontwaardiging. Dat zou
diverse vragen opleveren. Het
is mogelijk dat Timotheüs die
mee had genomen. Deze brief
zal dan -mede- het antwoord
geweest zijn.