Want jullie herinneren je,
broeders, onze moeite en
inspanning: nacht en dag
werkend om niet belastend
te zijn voor iemand van jullie,
hebben wij aan jullie het
evangelie van God verkondigd.
1 Thessalonicenzen 2:9
Paulus verkondigde destijds,
in Thessaloniki het evangelie
van God. Dat is de basis, het
fundament; het was bekend
in Tenach. Abram geloofde de
God Die hem deed opkijken
naar de sterren: ‘zo zal jouw
zaad zijn’. Dat rekende God
hem toe als rechtvaardigheid.
Wij lezen van dit evangelie in
Romeinen 3,4 en Galaten.
Dat hoorden én geloofden de
Thessalonicenzen, en het gaf
veel vrucht.
In Romeinen 5-8 sprak de
apostel van het geheimenis
van het evangelie: verzoening.
Dat was niet tevoren in Tenach
bekendgemaakt; wel waren er
achteraf gezien hints gegeven
in de tabernakeldienst.
Een rijk evangelie, dat vandaag
ook kracht van God tot redding
is voor eenieder die gelooft.