Woord vandaag
welke wij hebben als anker
van de ziel, die -naast te zijn
verzekerd- ook bevestigd is,
en binnenkomt in het binnen-
ste achter de voorhang
Hebreeën 6:19
De verwachting is troostrijk
en zou voor de gelovigen uit
Israël werken als was het een
anker voor de ziel. Zij waren
mogelijk onrustig en hun ziel
leek misschien wel op golven.
De vrees: komt Hij spoedig of
toch niet? En: als Hij nog niet
komt, hoe zit het dan met de
andere beloften? Twijfel kan
dan snel opkomen. Daarom
bouwt de schrijver hen op, en
bemoedigt ze met Gods trouw,
Hij kan niet liegen, en dus kan
de verwachting gekoesterd
worden. Een anker zorgt, dat
het schip op dezelfde plek
blijft en niet afdrijft, mee in
de stromingen waardoor het
op de rotsen kan lopen.
De beloften: God zwoer daar
een eed bij. Zo werden zij
verzekerd en bevestigd in
hun geloof, hun vertrouwen
op God zal ze niet beschamen!
Woord vandaag
opdat door twee onwrikbare
zaken, waarin het onmogelijk is
voor God om te liegen, wij een
sterke vertroosting zouden
hebben, die toevlucht zoeken,
om vast te houden aan de voor
ons liggende verwachting
Hebreeën 6:18
Zo werden de gelovigen uit
Israël aangemoedigd om te
blijven uitzien naar Hem, Die
beloofde. De Messias Jezus
zal terugkeren, Zijn voeten op
de Olijfberg zetten en Hij zal
ook Zijn boodschappers uit
laten gaan. De uitverkorenen
uit Israël zullen verzameld en
uit alle 4 windstreken komen.
Zo is voorzegd door Zacharia
in 2:6, waar Jahweh ze roept
uit het noorden. Ook de Heer
Jezus, in Mat.24:31, voorzegde
wat zal plaatsvinden als Hij als
de Zoon des mensen komt, en
dat met veel bazuinen (24:30).
75 dagen later zal opstanding
opnieuw een feit zijn.
De rechtvaardigen staan op,
zij zullen velen verbazen. De
aartsvaders, David, Salomo,
en vele anderen weer in hun
midden!
Woord vandaag
opdat door twee onwrikbare
zaken, waarin het onmogelijk is
voor God om te liegen, wij een
sterke vertroosting zouden
hebben, die toevlucht zoeken,
om vast te houden aan de voor
ons liggende verwachting
Hebreeën 6:18
De twee ‘zaken’ waar het hier
om gaat, zijn Gods raad en Zijn
belofte mét een eed. Beide
zijn absoluut onwrikbaar; het
staat vast. Daarbij versterkt de
schrijver dat met de opmerking,
dat God per definitie niet liegt.
God is geen mens, dat Hij zou
liegen. God is waar, ieder mens
leugenachtig, zegt Paulus in de
brief aan de Romeinen.
Daarin ligt ook onze troost én
verwachting. Wij hebben een
heerlijke toekomst te midden
van de hemelsen.
Israëls verwachting is koningen
en priesters in het koninkrijk op
aarde te zijn. En op de nieuwe
aarde zullen zij regeren met de
Christus over de natiën.
Israëls gelovigen zouden troost
en verwachting hebben uit de
beloften aan de aartsvaders;
God zal die zeker waarmaken.