Opmerkelijk

Het woord van de waarheid recht gesneden

AAN ISRAËL                                                 AAN DE NATIËN

Het evangelie van…..                               Het evangelie van……
Het koninkrijk van God                         De genade van God

Jezus Christus……                                     Christus Jezus……
is Herder en Koning                                 is Redder en Hoofd

Dit evangelie verklaart……                    Dit evangelie verklaart……
Laten gaan en vergeving                         Rechtvaardiging en verzoening

Verkondigd aan……                                     Verkondigd aan……
de verloren schapen van het                tot geloofsgehoorzaamheid
huis van Israël                                                onder alle natiën

Thema: bekeer je                                          Thema: Wees verzoend

Reikwijdte: alleen de Joden                   Reikwijdte: Allen die geloven

Methode: vermaning                                  Methode: bemoediging

Beheer: wet                                                         Beheer: genade

Rechtvaardigende factor……                   Rechtvaardigende factor……
Geen                                                                          Gods gerechtigheid

Status: Israël is……                                          Status: Wij zijn……
Koninklijk priesterschap                           Ambassadeurs van Christus

Veiligheid/zekerheid……                            Veiligheid/zekerheid……
Hij die volhardt tot het einde                  Geen veroordeling voor hen
zal gered worden                                               die in Christus Jezus zij
n

Uit: ‘The New Testament, a simple overview’ – Andrew Maclarty

Woord vandaag

‘Het is heel fijn te beseffen, dat alles in de Zoon van Zijn liefde
is geschapen.’

Heel mooi ja. Het houdt ook in, dat ook wij in die Zoon werden
gezien en geschapen waren. Daardoor zijn wij altijd – van voor de
eonen – verbonden met God in de Zoon van Zijn liefde. Dus door
Gods liefde verbonden met Hem. Dat staat helemaal los van wat
wij deden of doen.

‘Wat is dat toch wel weer geweldig he, je vergeet deze bijzondere
dingen zo snel.’

Het moet ook – als Vader het je geeft – ook tot je doordringen. Je gaat
er soms iets van beseffen en dan wordt je hart vervuld met blijdschap,
met vreugde. Je kunt daarom zo verlangen naar die vereniging met
Hem op de dag, dat de bazuin van God klinkt! En vooral Hij kijkt uit
naar die dag!

‘Je krijgt er echt veel verlangen naar, als je er zo mee bezig bent, Hij
gaat het allemaal waarmaken.’

God bewerkt echt alles in overeenstemming met de raad van Zijn wil.
Je kunt daar niet omheen. Niet iedereen wil dat graag benadrukt zien,
omdat men dan van mening is, dat het de mensen passief maakt, en
verlammend werkt. Maar als bijvoorbeeld Israël weer gaat bidden en
roepen om en naar hun Messias Jezus, dan is God het, die door Zijn geest
dat  in hun harten
bewerkt.

‘Dat is wat de profeet Ezechiël toch zegt? Zij zullen het afsmeken.’

Jawel, sommigen zullen dit aangrijpen om te zeggen dat je veel moet
bidden en dan zal God het wel gaan doen in je leven. Het punt is, dat
als je hoort dat God zó is, zoals Paulus in Kolossenzen schreef, je uit
diepe verwondering de Heer gaat danken! Dat werkt het in je hart uit
en dan ga je vanzelf Hem dienen in je leven. Niet omdat iemand je onder
druk zet om dat te doen, maar gewoon door de inwerking van Zijn
evangelie van liefde!


Woord vandaag

‘God is de Spreker in de Bijbel. Hij zegt veel over Zijn Zoon, toch?’

Ja, Zijn Zoon is ook het Woord dat vlees geworden is. Vandaar, dat
als het in Zijn woord ergens over gaat, altijd op een of andere ma-
nier Zijn  Zoon naar voren komt. Zeer zeker in de talloze typen en
beelden van de geschiedenissen en profetieën van de Tenach (OT).

‘Machtig onderwerp, wanneer gaan we daarover verder praten?’

Je zou al in Genesis 1 kunnen starten. Daar staan de geweldige begin-
woorden van de Schrift:

In begin schiep God de hemelen en de aarde.

Wonderlijk, 28 letters (4×7), die God in die volgorde zette. Paulus zegt
dan veel later:

Hij is het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene van heel de
schepping. Want in Hem is het al geschapen, wat in de hemelen en wat
op de aarde is,  het zichtbare en het onzichtbare, hetzij tronen, hetzij
heerschappijen, hetzij soevereiniteiten of gevolmachtigden;  het al is
door Hem en tot Hem geschapen.
Kolossenzen 1:15-17 CV

Hier lezen wij, dat in en door en tot (naarbinnen in) de Zoon van Gods
liefde álles geschapen is! Dat is toch wel een fantastisch gedeelte. God
laat door Paulus zien, dat het zo zit. Maar we zouden niet missen, wat
hij eerst zegt van de Zoon:

Hij is het beeld van de onzichtbare God

Hij is niet alleen het Woord, maar ook het beeld van de onzichtbare God!
Als God zich uitdrukt in beeld en geluid, is dat in en door Christus Jezus,
de Zoon van Zijn liefde.

‘Machtig, je raakt in verwondering, als je dit gelooft en goed tot je door laat
dringen. Wat is het dán wonderlijk dat Hij mens werd!’

Daar gaan we later nog over praten met elkaar. Laten we dit deze dag eens
overwegen in ons hart. Tegen Gods volk werd gezegd, dat zij zich geen ge-
sneden beeld mochten maken van God. Dat was omdat God zelf allang in
een beeld van zichzelf had voorzien: de Zoon van Zijn liefde.




Woord vandaag

‘Mooi getuigenis gisteren van die oude, wijze broeder.’

Het is fijn zoiets te horen. God en Zijn woord centraal in je leven.
Geen theologische leerstellingen belangrijk. Alleen dat Woord zelf.
Dat bleek ook zo in het leven van de Heer Jezus zelf. Hij bad Zijn Vader:

Heilig hen in Uw waarheid;  Uw woord is de waarheid.(Johannes 17:17)

Hij sprak alleen wat Hij van de Vader hoorde. De theologische leerstelling-
en van de farizeeën en sadduceeën noemde Hij bij gelegenheid ‘zuurdesem’
en dat is bepaald geen positieve opmerking.

‘Ja, Hij nam geen blad voor de mond als het om die groepen theologen ging.’

Tegenwoordig kun je dat eigenlijk niet maken, ‘omwille van de liefde‘. Men
wil ‘elkaar niet verketteren‘ en men wil ‘eenheid‘, ‘samen op weg‘ en ‘met
elkaar in gesprek zijn
‘ en meer van dat soort uitspraken.
Maar als het ten koste van de waarheid van Gods woord gaat en je daarom
eigenlijk geen duidelijke bijbelse uitspraken meer mag doen kun je je af
gaan vragen om welk soort liefde en eenheid het dan eigenlijk gaat.


‘Als dat de waarheid kennelijk onderdrukt, dan vraag ik me af of het niet
eerder ongerechtigheid is.’

En dat is wat Paulus (voor velen een lastpost) ook in Romeinen 1 zegt.

‘Want verontwaardiging van God wordt geopenbaard van de hemel
over alle oneerbiedigheid en ongerechtigheid van de mensen, die de
waarheid in ongerechtigheid (er) onder houden

Deze wat aangepaste vertaling van Romeinen 1:18 zegt genoeg.
Als je om ‘de liefde’ geen ‘gevoelige’ dingen meer kan zeggen, ben je ge-
woon bezig met ongerechtigheid. In bovenstaand vers wordt niet toe-
vallig twee keer over ongerechtigheid gesproken. En als het gaat om ‘de
waarheid’, is het nog altijd God zelf, en die is dé Spreker bij uitstek!

Woord vandaag – Bent u ook biblicist?

André Piet berichtte op www.goedbericht.nl 19 mei over de taalverloedering die
evangelischen (leiders) bezigen als het gaat om hen, die God geloven. Op de site
van bijbels denken (www.bijbelsdenken.nl) staat een getuigenis van een (oude)
broeder:

“Tegenover de leer van de RK Kerk houd ik de algenoegzaamheid (unicitas) van
de Schrift staande. Daarom wil ik niets buiten de Schrift als gezagvol aanvaar-
den. Een voorbeeld: Veel kerkleiders eisen dat je de Schrift het predikaat
‘onfeilbaar’ toekent. Ik weiger dat te doen. Niet omdat ik de Schrift als feilbaar
beschouw, maar gewoon omdat de Schrift dat niet van zichzelf zegt. In de Bijbel
vraagt God dat wij ons onvoorwaardelijk aan Hem toevertrouwen en ons blind
overgeven aan alles wat Hij daarin zegt. Dat doe ik dan ook en dat is mij genoeg.

Ben ik fout, omdat ik mij enkel wil houden aan wat de Schrift zegt? Volgens
theologen wel. En ze hebben ook al een scheldwoord uitgevonden waarmee ze
hen die het
Sola Scriptura (“Alléén de Schrift”, red.) onverbiddelijk en onvoor-
waardelijk willen handhaven, menen te kunnen uitschakelen. Ze noemen hen
die belijden
dat ze echt aan de Schrift genoeg hebben, biblicisten. Zij menen dat
ze ons daarmee kunnen beschimpen als kinderlijke napraters van enkel wat de
Bijbel leert.
Wij beschouwen dat als een eretitel. Laat ze gerust op ons neerzien omdat wij
helemaal genoeg hebben aan het Woord van God en omdat wij geen behoefte
hebben aan geleerde theologische poespas. Tegenover de heerlijke en lieflijke
Woorden van God vallen alle woorden van mensen in het niet”.