Opmerkelijk

Over discipelschap, uit de christelijke pers:

‘Volgens jullie hoef je niet te proberen te worden als Jezus.
Toch hoor je dat alom: we moeten worden als Hij.’

Waarop Dekker (dr. W. Dekker, theoloog, werkt voor de IZB) antwoordt:

Voor je het weet ben je meer met jezelf bezig dan met Jezus. Dan wordt
discipelschap een project met punten die gerealiseerd moeten worden.
Dan ligt frustratie op de loer, of je probeert het niet meer om leerling van
Jezus te zijn omdat het toch niet lukt. Een christen hoeft geen lookalike
van Jezus te worden. De grondfout in deze gedachte is dat wíj zo veel willen.
Maar leerling van Jezus zijn betekent leven uit genade. Hij stierf voor onze
zonden in onze plaats. De zichtbaarheid van het geloof in ons leven is het
werk van de Geest.’

En even verder:
Als wij op gemeenteavonden over discipelschap vertellen dat het in eerste
instantie leven 
uit genade is, krijgen we meestal al gauw de vraag:
“Maar wat moeten we doen?” Mensen willen snel iets aangereikt krijgen
over missionair werk, een programma voor evangelisatie.’

NB: bovenstaand stukje illustreert het gebrek aan zicht bij veel christenen op
wat Gods genade werkelijk betekent. Laat Paulus ons steeds tot gids zijn, de
prediking van pure genade van God blijft hard nodig tegenover alle eigen
willen-denken-kunnen van de (gelovige/christelijke) mens. 

Ons probleem is met Paulus…..

In Israel Today wordt op 7 februari 2014 verwezen naar een artikel
in de krant Ma’Ariv van de hand van Admiel Kosman, een Talmoed-
geleerde. Volgens deze professor heeft Paulus de christenheid ge-
sticht, en niet Jezus van Nazareth. Hij zegt dan ook: ‘Ons probleem
is met Paulus, niet met Jezus‘. Hij betoogt, dat Paulus wegtrok van
het judaïsme, en bezig was de gelovigen ervan los te maken waar-
door de christenheid is ontstaan.
Verder zegt hij, dat de toenmalige leiders van de vroege ‘kerk’ zich
tegen Paulus verzetten, omdat hij zich in niet-Joodse richting be-
woog.
Volgens Kosman was Paulus geen ware volgeling van Jezus, maar
gebruikte het platform dat hem door Jezus geboden werd om zijn
eigen leringen naar voren te brengen.
Kosman concludeert uiteindelijk, dat Jezus, die een Jood was die de
wet in acht nam, niet echt blij zou zijn (geweest) met de activiteiten
van de apostel Paulus.

 

Opmerkelijk

PKN blijft bij artikel 37 NGB

Het kerklid Daaf Bokhout uit Haarlem diende enige tijd geleden
een gravamen (bezwaarschrift) in tegen artikel 37 NGB, dat stelt:

“Ten laatste geloven wij, volgens het Woord Gods, dat, als de tijd, door de
Heer bepaald (die alle schepselen onbekend is), gekomen, en het getal van
de uitverkorenen vol zal zijn, onze Heer Jezus Christus uit de hemel zal
komen, lichamelijk en zichtbaar, gelijk Hij opgevaren is, met grote heerlijk-
heid en majesteit, om Zich te verklaren een Rechter te zijn over levenden en
doden; en deze oude wereld in vuur en vlam te stellen om haar te zuiveren.
En dan zullen persoonlijk voor deze grote Rechter verschijnen: alle mensen,
zowel mannen als vrouwen en kinderen, die van het begin van de wereld
af tot het einde toe geweest zullen zijn, gedagvaard door de stem van de aarts-
engel en door de klank van de bazuin van God…….
Dan zullen de boeken (dat is: de gewetens) geopend, en de doden geoordeeld
worden, naar hetgeen zij in deze wereld gedaan zullen hebben, hetzij goed of
kwaad……
…zij (de uitverkorenen) zullen de schrikkelijke wraak zien die God tegen de
goddelozen doen zal, die hen getiranniseerd, verdrukt en gekweld zullen
hebben in deze wereld. Die overwonnen zullen worden door het getuigenis
van hun eigen geweten, en zullen onsterfelijk worden, maar zo, dat het zal
zijn om gepijnigd te worden in het eeuwige vuur, dat voor de duivel en zijn
engelen bereid is…… “

Terecht, dat een kerklid hiertegen bezwaar maakt. Artikel 37 NGB houdt in,
dat de ongelovigen onsterfelijk gemaakt zullen worden met de bedoeling
hen te pijnigen in het eeuwige vuur. Oftewel: eeuwige pijniging.

Nadat een commissie (….) zich hierover had gebogen, gaf de commissie het
advies aan de algemene synode (kerkvergadering) van de PKN (de op 1 mei
2004 opgerichte Protestantse Kerk in Nederland) om het bezwaarschrift af
te wijzen, omdat er onvoldoende grond in de Bijbel zou zijn voor een alge-
mene verzoening van de mensen. Dit advies is door de synode van de PKN
op zaterdag 10 november 2012 overgenomen.
Het kerklid wilde een aanvullende verklaring bij dit artikel.
Het oordeel van de synodecommissie luidde, … ‘dat er geen bijbelse onder-
bouwing voor de stelling is, dat God elk mens vergeeft en iedereen naar de
hemel gaat, oftewel de alverzoening’.
De synode was het daarmee eens. Sechts drie van de 113 aanwezige leden
stemden tegen. Door het rapport te aanvaarden, wees de synode het be-
zwaar af.

We zien hier de officiële leer van de PKN, en heel wat andere kerken, die
ook dit belijden. Merkwaardig genoeg stelde synodeadviseur Klaas Spronk
dat het lastig is op basis van de Bijbel een besluit te nemen. ‘Alsof het mo-
gelijk is een beslissende lijn te trekken. Er zijn nu eenmaal veel stemmen
in de Bijbel’….

En uit meer reacties bleek de verlegenheid over dit onderwerp. Heel voor-
zichtig is men om artikel 37 te veranderen, terwijl artikel 37 zelf wel ge-
handhaafd blijft. Het artikel trekt wél een beslissende lijn (eeuwige pijn
voor de ongelovigen); men wil het niet veranderen. Het zou goed zijn, als
alle synodeleden het boek ‘Het ene doel van God’ van wijlen ds. Jan Bonda
zouden lezen en bestuderen. Graag met open Bijbel erbij, om te ontdekken
wat de apostel Paulus in Romeinen eigenlijk schrijft…..

Opmerkelijk: PKN-commissie ziet geen alverzoening

Het Nederlands Dagblad meldt vandaag (17 oktober 2012),
dat een commissie advies heeft uitgebracht aan de synode van
de PKN, dat er geen grond voor alverzoening bestaat.
Kerklid Daaf Bokhout uit Haarlem maakt ernstig bezwaar
tegen artikel 37 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Hij
bestrijdt in zijn bezwaarschrift (gravamen heet dat in kerkelijk
jargon) de tekst van artikel 37 over het laatste oordeel.
Hij bestrijdt dat er -volgens artikel 37 NGB- twee soorten men-
sen zijn: ‘Zij die van eeuwigheid verkoren zijn en de anderen‘.
Hij baseert zich op Psalm 65:1-4 (God vergeeft iedereen) en op
1 Johannes 2:2 (Jezus Christus is het boeteoffer van de zonden
van de hele wereld). In zijn bezwaarschrift roept hij de PKN op
een aanvullende verklaring op te stellen dat God ieder mens
vergeeft.
De commissie heeft, zoals te verwachten viel, daar afstand van
genomen. De commissie stelt dat het kerklid slechts twee kern-
teksten uit de Bijbel nam en als meetlat gebruikte waarlangs
alle andere teksten (die zijn overtuiging tegenspreken) gelegd
moeten worden. Interessant genoeg stelt de commissie verder,
dat de Bijbel wel spreekt over de vergevende liefde van God, maar
altijd verbonden met de oproep tot geloof en bekering.
Daarom adviseert de commissie het bezwaarschrift af te wijzen.

We zien hier, als we op de tekst van het krantenbericht afgaan,
dat het uiteindelijk van de mens afhangt. God is wel een verge-
vende God, maar de mens moet iets doen (geloven, zich bekeren)
om de vergeving te kunnen ontvangen. God is kennelijk onmach-
tig als het om het doen van de mens gaat. Dus gaat eenieder ver-
loren, en dat voor eeuwig, die zich niet bekeert en/of niet gelooft.
Daarmee wordt duidelijk, dat de PKN in de leer (als men het ad-
vies van de commissie overneemt in deze kwestie) religieus is.
Men houdt het erop, dat de mens moet geloven of zich bekeren en
anders gaat het met die mens voor eeuwig mis.
Waar het kerklid met zijn tekstverwijzing wijst op het werk van
Jezus Christus (helaas heeft hij geen teksten uit de brieven van
Paulus gebruikt), wijst de commissie op het werk van de mens
(geloof, bekering) om de vergevende liefde van God te kunnen ont-
vangen.
Als het kerklid zich uitgebreid had georiënteerd op de brieven van
Paulus en de PKN naast al die teksten van de apostel had gewezen op
het boek ‘Het ene doel van God’ van dominee Jan Bonda, dan had hij
heel wat meer bijbelse fundering kunnen aanreiken voor de God, die
allen met zich verzoent door de dood en opstanding van de Zoon van
Zijn liefde: Christus Jezus!

Geciteerd – opmerkelijk: Roeper

“Het blijft vaak bij theorie. Misschien zien – voor het Evangelie blinde-
ongelovigen dát juist wél. Terwijl christenen de mond vol hebben over
vergeving die hen ten deel viel, blijken zij er in de praktijk evenveel
moeite als ongelovigen mee te hebben die jegens anderen te tonen.
‘Zoals wij vergeven onze schuldenaren’ lijkt een nietszeggende mantra.
Soms vertellen geschokte oudsten in mijn gemeente als zij weer een
leidersconferentie bezochten, dat daar sommige andere deelnemers
geïrriteerd reageerden op het horen van mijn naam. Door verschillen
van inzicht met mij, veelal tientallen jaren geleden. Terwijl ik hen ge-
regeld heb ontmoet en zij deden alsof er geen vuiltje aan de lucht was.
Ik weet zeker niet de enige te zijn die dat lot treft. Hoor óók dikwijls
niet van vergevingsgezindheid getuigende uitlatingen over broeders
en zusters. Gelovigen die zélf soms – niets vermoedend – respect en
liefde voor hun inquisiteurs tonen.
Ik houd het maar op humor….”

Roeper, Uitdaging, oktober 2012.