want júllie allen zijn zonen
van het licht en zonen van
de dag; wij zijn niet van de
nacht noch van de duisternis.
1Thessalonicenzen 5:5
Dag/nacht wordt figuurlijk
gebruikt voor licht/duisternis.
God heeft in Zijn plan deze
contrasten ingezet. Daardoor
leren wij Zijn licht waarderen
en leren Hem beter kennen.
De onwetendheid (duisternis/
nacht) en rondlopen in eigen
wil maakte plaats voor juiste
erkenning (licht/dag) van Zijn
wil, van Hemzelf.
Kinderen moeten wennen aan
toenemend, feller licht.
Sommigen ‘blijven hangen’ in
het geestelijk kind zijn, komen
niet verder. Het is verdrietig te
constateren, dat veel oprechte
gelovigen niet verder meegaan
in onderwijs wat Paulus geeft.
En de wandel, in de praktijk,
blijkt dat bijvoorbeeld uit een
aardse gezindheid. Men meent
Gods wil te doen, maar het is
in de regel eigen wil. Men zal
het eigen belang in plaats van
dat van Christus Jezus dienen.
Bij zonen is dat anders; zij zijn
het, die willen doen wat God
wil en hebben het belang van
Christus Jezus op het oog. Zij
zijn bedacht op wat boven is,
waar Christus is.
God geve, dat wij ook in de
praktijk zonen van Hem zijn!