Opdat het niet schijnt alsof ik
jullie grote vrees aanjaag door
de brieven
2 Korinthiërs 10:9
De eerste brief die Paulus aan
hen schreef, was zeer ernstig.
Maar dat was nodig; zeer zeker
wilde hij hen niet bang maken.
Het was gericht op de eer van
de Heer Christus Jezus, herstel
binnen de plaatselijke ekklesia.
De brief was in genade van God
en liefde van de Vader bedoeld.
Al wat beschadigen kon, moest
verwijderd. Zodat de gemeente
kon functioneren, het Woord
te allen tijde centraal.
De motieven van Paulus waren
gewogen en verkeerd uitgelegd;
daarom moest deze tweede er
komen.
En Vader bedoelde ook, dat het
woord van de verzoening uit
zou gaan.
Paulus trekt vanuit Thessalonika, waar
hij verjaagd werd, naar Berea waar de
Joden in de sjoel bereidheid toonden
om wat hij sprak na te zoeken in Tenach.
Zij beoordeelden dagelijks aan de hand
van de Schriften wat hij zei. Heel wat
luisteraars geloofden. De Joden uit
Thessalonika kwamen naar Berea om
ook daar de apostel te hinderen en weer
ging hij verder naar Athene.
Naluisteren: deel A en deel B
Als u bovenaan in de ‘zwarte balk’
Onderwerpen aanklikt, (op smartphone
drie horizontale streepjes en dan
Onderwerpen aanklikken) ziet u in het
uitklapmenu in alfabetische volgorde
onder andere Gog en Magog.
Dit onderwerp is tijdens de Openbaring
studieserie in twee delen opgenomen.
Onderaan het uitklapmenu ziet u een
studie over de zeventigste jaarweek
van Daniël 9.
Want ingeval ik bovendien
ook overmatiger in wat dan
ook roem aangaande onze
volmacht, die de Heer ons
gegeven heeft tot opbouw
en niet tot afbreking van
jullie, zal ik niet beschaamd
worden.
2 Korinthiërs 10:8
De volmacht die Paulus had,
was het woord van verzoening
dat hij mocht spreken. Dát is
werkelijk tot opbouw van het
lichaam van Christus. Het is
de focus op wat Gód en Zijn
Zoon hebben gedaan en doen.
God was in Christus de wereld
met Zich verzoenend, hun de
krenkingen niet aanrekenend.
Het maakt een einde aan de
zelfgerichtheid van de mens.
Niet langer voor jezelf, maar
voor Hem leven, Die voor jou,
u, mij stierf en opgewekt werd.
Het zal nooit beschamen, als
wij ons hele leven richten op
wat boven is, waar Christus is.
Het maakt een einde aan het
religieuze, vrome vlees en het
richt alle aandacht op Christus
Jezus en Zijn Vader.
Want ingeval ik bovendien
ook overmatiger in wat dan
ook roem aangaande onze
volmacht, die de Heer ons
gegeven heeft tot opbouw
en niet tot afbreking van
jullie, zal ik niet beschaamd
worden.
2 Korinthiërs 10:8
Paulus roemde nooit op vlees.
Hij stak zichzelf niet boven de
anderen uit. Hij roemde wel
in de bediening die hij van de
Heer had gekregen, want die
was tot opbouw. Hij sprak, en
dat was net als zijn Heer, als
gevolmachtigde. Als apostel
had hij dat, als leraar van de
natiën was dat hem gegeven
door Christus Jezus.
Die gaf hem volmacht én een
bijzonder vermogen om dat
wat nodig was te spreken.
En bij gelegenheid optreden
als er dingen speelden, die
tot oneer waren.
Dan was dat nooit afbrekend,
maar steeds opbouwend.
het lichaam van Christus zou
uitgeroepen worden als een
wezenlijk deel van dat grote
‘bouwwerk’ van de Vader.
Copyright © All rights reserved.