een zekere afwachting echter
van gericht en van een vurige
jaloezie die op het punt staat
de vijandigen op te eten
Hebreeën 10:27
Hieruit blijkt, dat degenen die
terugvielen in ongeloof, geen
toegang zullen hebben in het
aardse koninkrijk. Doet denken
aan de koninklijke maaltijd van
de bruiloft. Er is iemand die
geen goede kleding aan heeft.
Deze krijgt een plek buiten de
‘zaal’ ofwel het koninkrijk, zie
Mattheüs 22:1-13. ‘Velen zijn
geroepen, maar weinigen zijn
uitverkoren’.
Men moet ‘volharden tot het
einde’ om binnen te kunnen
komen. Anders geen eonisch
leven, Mattheüs 24:13.
Afval van heiligen is mogelijk
in deze lijn naar het aardse
koninkrijk.
De leden van het lichaam van
Christus kunnen per definitie
niet ‘afvallen’. Een mens zal
normaal gesproken geen lid
van het eigen lichaam af- of
wegsnijden. Hun redding is in
de absolute genade van God
verzekerd.

