‘Mijn wetten op hun harten
gevend, en op hun denkver-
mogen zal Ik ze opschrijven
En aan hun zonden en hun
wetteloosheden zal Ik in
geen geval nog herinnerd
worden.’
Hebreeën 10:16b,17
Het nieuwe verbond, wat God
met Israël en Juda in het rijk
van Zijn Gezalfde Jezus sluit,
ziet er zo uit. God zal dan Zijn
onderwijs in de harten van de
zonen van Israël schrijven. In
hun denken zal de eer van hun
God, Jahweh, en Zijn Zoon de
Heer Jezus Christus, centraal
zijn. De wetteloosheden heeft
Hij dan door Christus van hen
weggenomen; Paulus schrijft:
“Hij Die bergt zal aankomen
uit Sion, Hij zal de oneerbiedig-
heden afkeren van Jakob.
En dit is het verbond van Mij
met hen, wanneer Ik hun
zonden zou afhakken.”
Romeinen 11:26b,27
Op grond van het kostbare
bloed van Christus, zal God
hun zonden en krenkingen
niet meer herinneren. In de
komende eon zal Israël het
volk zijn zoals God bedoelde.
Als koningen en priesters zal
hun functie zijn: de natiën tot
onderschikking brengen aan
de Gezalfde Jezus, hun Heer.
In de laatste eon zullen zij als
koningen de natiën regeren.