God plaatst ons níet tot
verontwaardiging, maar tot
toeëigening van redding door
onze Heer Jezus Christus
1 Thessalonicenzen 5:9
Paulus noemt, geleid door
heilige geest, in één adem
verontwaardiging + redding.
Wat geldt ons wel: redding,
en niet: verontwaardiging.
Wie plaatst ons zo? God, de
Vader van onze Heer.
Wie is het reddingsmiddel:
onze Heer Jezus Christus.
Dat kan niet beter!
We lezen in één vers over
Gods verontwaardiging en
Zijn redding. Misschien kan
het zijn, dat er niet veel tijd
tussen onze uitredding en
Gods verontwaardiging zit.
We weten het niet; wat wij
wel weten, is wat de Heer
tegen Zijn discipelen zei,
toen zij vroegen naar wat
zich afspeelt aan het einde
van deze (boze) eon.
In Zijn 2e bergrede spreekt
Hij daar dan uitvoerig over,
zie Mattheüs 24 en 25.

