‘Zo dat was wel even wat, de uitstap naar het boek Esther.’

Ja, wellicht volgend jaar weer verder, en nu gaan we terug naar het boek
Spreuken, want we hadden het 16e hoofdstuk nog niet af. En daar zitten
in die enkele verzen nog wel wat bijzonderheden. Sowieso wijsheid van
Jahweh door Salomo gegeven, en dat zouden we niet missen. De eerst-
volgende tekst waar we naar kijken is vers 29:


Een man van geweld misleidt zijn naaste
en brengt hem op een weg die niet goed is

We zitten hier in een gedeelte, dat spreekt over het spreken van de
man die verkeerd van hart is. ‘Een man van geweld (Hebreeuws:
chamas)’ is iemand die zelf een hart heeft dat verkeerd is en van
daaruit spreekt hij tot zijn naaste om die te misleiden. Daar begint
het mee; in Psalm 140:1-3 lezen wij over de activiteiten en vooral
de woorden die zo’n man spreekt. Paulus citeert dat in Romeinen 3.

‘Die man is eigenlijk Haman uit de geschiedenis van Esther!’

Precies, we zien in de Amalekiet Haman deze Spreuk werken. Hij wilde
de koning misleiden en velen op een verkeerde weg brengen. Daarin
is hij natuurlijk een type van de wetteloze, die erop uit zal zijn om de
Joden om te brengen. In feite zal de wetteloze velen misleiden door
de woorden die hij spreekt, niet in de eerste plaats door zijn geweld.

‘Met woorden iemand misleiden is en kan veel subtieler zijn.’

Ja, en daarom wordt te zijner tijd aan de wetteloze een mond gegeven,
als tegenbeeld van Mozes, die Aäron als mond kreeg. Die zal grote dingen
spreken tegen de Allerhoogste, de God en Vader van onze Heer Jezus
Christus. We zien ook dat de duivel (Grieks: diabolos) met woorden pro-
beerde de Heer in de woestijn te misleiden, en het antwoord was:
‘Er staat geschreven’, en zo is de Heer een geweldig voorbeeld!