Woord vandaag

‘Ongelooflijk diep was het lijden waar Hij doorheen moest. Hij was
zonder zonde en dan toch de dood van het kruis.’

Het kon niet anders. Het was de aangewezen weg. Hij werd overgeleverd,
voor 30 zilverstukken, in de handen van zondaren. Iedereen was er bij
betrokken: de Joden (vooral het Sanhedrin), de heidenen (Pilatus, Hero-
des), zij spanden samen tegen de Heer en Zijn gezalfde. Men koos ervoor
Hem aan het hout te slaan, waarvan de Thora zei dat daar een vloek op
rustte (Deuteronomium 21:23; Galaten 3:13). Hij heeft die vloek van de
Thora gedragen! Voor ons, de Joden, zegt Paulus.

‘Opmerkelijk, dat men Hem niet erkende, ondanks al het goede wat Hij
deed voor de mensen.’

Er waren allerlei machten en krachten in het spel. Eer van mensen (Fari-
zeeën) en positie (Sanhedrin) bleken belangrijker dan Hij. Hij diende oot-
moedig en nederig van hart. Kom daar maar eens om! Hij ging als een lam,
dat stom is voor zijn scheerders naar de plaats, waar Hij gekruisigd moest
worden. En door dat alles heen bleef Hij Zijn discipelen liefhebben, ook een
Petrus, die Hem drie keer verloochende.

‘Uniek hoor, dat er zoveel documentatie in de Bijbel is van alle bijzondere
omstandigheden. Zoveel bewijs.’

Hij was volkomen het Lam dat de zonde van de wereld wegneemt (Johannes
1:29). Wat een evangelie zit in die woorden! Als Hij dat Lam was, en Hij was het,
dan is dus de zonde van de wereld weggenomen. Voor dat ‘wegnemen’ staat een
woord dat zoiets als ‘optillen’ betekent. de zware last is door Hem opgetild, op-
waarts getild en weggenomen! Dat konden wij zelf niet doen. Hij heeft dat ge-
daan en dat geloven wij! Door Hem zijn wij verlost van de zonde.

‘Ja mooi, soms dringt dat onvoldoende tot je door, maar Hij doet dat, het is
compleet Zijn werk!’

En als de tegenwerker komt om je aan te klagen over je zonden, dan kun je
verwijzen naar onder andere Johannes 1:29, een glorieuze overwinning door
Hem behaald. Het woord is het zwaard van de geest wat wij leren hanteren.
Hoezo, zonde? Het is door Hem gedragen! Zo bekeken is het lied waar wat wij
zingen: ‘O, heerlijk Golgotha…’  Want daar heeft Hij de zonde van de wereld
weggenomen aan het kruis. Petrus schrijft, dat Hij onze zonden heeft wegge-
dragen (1 Petrus 2:24) op het hout.

‘Maar dat betreft dus alles: alle zonde(n) van verleden, heden en toekomst!’

En de gerechtigheid van God is de vaste basis en grondslag voor het kruis
en het wegnemen van de zonde(n). Als we ech
t zouden beseffen wat dat bete-
kent, dan zouden we ineens veel blijer in het leven staan. Er is geen wolk
meer te bekennen; de lucht is strakblauw: genade zit op de troon! Wij leven
onder, door, van, in en voor Gods genade!

Woord vandaag

‘Het was rond de Heer Jezus opmerkelijk hoe men reageerde.  Judas
was iemand die jarenlang met Hem mee was gegaan.’

Men veroordeelt Judas te makkelijk. Vanaf het begin wist de Heer, dat
Judas Hem zou verraden. Hij wist dat het voorzegd was en dat het zo
moest gaan gebeuren. De twaalf hadden allemaal hun eigen eigenaar-
digheden die door Hem gedragen werden in liefde. Bovendien heeft Hij
hen liefgehad tot het einde (Johannes 13:1). Hij waste hen de voeten,
ook die van Judas. Ongelooflijk hoe Hij diende.

‘En dat terwijl zij tot op het einde aan het twisten waren wie er in het
komende koninkrijk aan Zijn rechter- en linkerhand zou zitten.’

Hij had toen al enkele keren Zijn lijden en sterven en opwekking
aange
kondigd. Zij waren daar kennelijk doof voor, het drong niet tot
hen
door. Zij waren zó menselijk bezig. We zijn zelf ook vaak meer
bezig
met onze eigen zaakjes en vergeten al snel Zijn eer.

‘Hij kwam om te dienen en Zijn ziel te geven als losprijs voor velen.’

Dat zegt Marcus (10:45). Paulus maakt de complete waarheid bekend
door nadrukkelijk te verklaren, dat Hij zichzelf gaf als overeenkom-
stig losgeld voor allen. Daarbij  stelt hij eerst vast, dat er één God is, en
één middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus.
Machtige woorden uit een machtig gedeelte, dat uitdrukkelijk spreekt
van  redding voor allen, niet: allen, die nu geloven, maar echt allen.

‘Heerlijk, dat we bij alle overwegingen over Zijn lijden en sterven en
opstanding weten, dat het voor allen is!’

Dan is het ook echt Pasen, dan heb je ook evangelie. Een goed bericht
in deze tijd van veel slechte berichtgeving. Maar Hij gaat komen straks
als de grote Jozua, de ware Jozef, de profeet als Mozes en de werkelijke
genezer en heler. Hij zal de kudde Israël bij elkaar brengen en het huis
van Juda en dat van Israël samenvoegen, zodat het zal worden één
kudde, één Herder!
Uiteindelijk zal heel de mensheid gered blijken te zijn, en dat zegt Paulus
in zijn brieven, later door tradities van mensen ontkend. Niettemin blijft
het geweldige staan: God is Redder van alle mensen!

Woord vandaag

‘Best wonderlijk, hoe dat hele proces tegen de Heer Jezus is verlopen en
wat er allemaal omheen gebeurde.’

Wat in de Schrift staat, moet er staan en heeft allemaal betekenis. Ook de
voor ons nutteloos lijkende details; daar zouden wij op letten. Toen de
Heer gevangen genomen werd, was dat een uiting van een al veel langer
bestaand plan, dat in Johannes 11 vermeld wordt. En de hogepriester van
dat jaar, Kajafas, profeteerde zelfs (zonder het zelf te beseffen) over Hem:


‘en u overweegt niet dat het nuttig voor ons is dat één mens sterft voor
het
volk, en niet heel het volk verloren gaat’.

Dit zei hij echter niet uit zichzelf, maar als hogepriester van dat jaar
profeteerde hij dat Jezus sterven zou voor het volk,
en niet alleen voor het volk, maar ook om de kinderen van God,
overal verspreid, bijeen te brengen.
Vanaf die dag dan waren zij vastbesloten om Hem te doden.

De hogepriester van dat jaar was Kajafas. Hij profeteerde tegen wil en
dank van de dood van de Heer Jezus. Hij zou sterven voor het volk en
om de kinderen van God -overal verspreid- bijeen te brengen. Dat laat-
ste is het commentaar van Johannes, wat hij – door God geïnspireerd –
toevoegde. Degenen die Hem zouden ontvangen en aannemen, hun
gaf Hij volmacht kinderen van God te worden. Dat gebeurde.

‘Zo moet je ook terugdenken aan Bileam, die zegende terwijl hij het volk
wilde vervloeken.’

Zo zien we ook gebeuren wat we al hebben gelezen in Spreuken 16:1 :

een mens heeft overleggingen in het hart,
maar het antwoord van de tong komt van Jahweh

En Kajafas profeteerde -niet uit zichzelf- dat Jezus zou sterven voor het
volk. Dat zou later gebeuren, en hier zien we één kant van de later door
Paulus onthulde grotere waarheid, dat Hij stierf voor alle mensen en dat
zelfs alle mensen gerechtvaardigd worden tot leven (Romeinen 5:12-21)!

Woord vandaag

‘Eigenlijk was het hele proces over de Heer een schijnproces. Men vond
niets tegen Hem en toch werd Hij veroordeeld.’

Niet alleen de Joodse leiders, maar vooral de tegenwerker was erop uit, Hem
uit te schakelen. Tijdens Zijn leven op aarde bleek, dat de geestelijke machten
heel erg goed wisten dat Hij de Zoon van God is. ‘Bent U gekomen om ons voor
de tijd te pijnigen?’ vroegen ze Hem (Mattheüs 8:29). Ook in andere Schrift-
plaatsen bleek, dat de geesten, de demonen heel goed weten dat Hij de Zoon
van God is. Dan wist de tegenwerker dat helemaal. En het lukte hem ook nog
de Zoon veroordeeld te krijgen door het Sanhedrin.

‘Dat is de Joodse raad, die uit 70 mannen bestaat?’

Ja, en vandaag is die er ook. De macht van dat Sanhedrin strekte zich uit over
alle Joden, waar ook ter wereld. Er zaten overpriesters en schriftgeleerden in.
Zij wisten dat zij met de Messias van doen hadden. Maar omdat Hij een bedrei-
ging vormde voor hun positie, moest Hij uit de weg geruimd worden. Zo gaat
dat in politieke kringen.

‘Maar dat is toch ook in het christendom zo? Daar vecht men toch ook om de
macht over mensen?’

Jawel, in kerkenraden en zo, daar heb je ook dat haantjesgedrag. Dan blijken
er ineens hele andere belangen. Zo ook bij het Sanhedrin, want als de Heer in
Johannes 11 Lazarus, Zijn vriend, uit de doden opgewekt heeft, zeggen de lei-
ders in ‘de raad’ tegen elkaar:


Wat doen we? Want deze Mens doet vele tekenen.
Als wij Hem zo laten begaan, zullen allen in Hem geloven, en de Romeinen
zullen komen en onze plaats en onze natie van ons wegnemen. (11:47,48)

Let erop, dat het eerst gaat om ‘onze plaats’ en pas daarna om ‘onze natie’.
Zo typisch menselijk, eerst aan eigenbelang denken en daarna komen de
anderen aan bod. Terwijl zij besloten Hem om te brengen, die alleen de
eer en verheerlijking van Zijn Vader op het oog had, Hij, die lijdend dien-
de en gekomen was om te dienen. Dat deed Hij voor Zijn God en Vader en
voor de hele wereld!

Woord vandaag

‘We leven nu weer richting Pasen, het gaat ineens weer snel.’

De opstanding van Christus uit de doden en uit de dood is evangelie.
Zonder Zijn opwekking uit de doden heb je geen evangelie. Het is zo
bijzonder dat dat gebeurd is en alle schrijvers van de Griekse Schrift
schreven met die vreugde in het hart. Het volkomen nieuwe, heerlijke
van de ochtend van de opstanding klinkt door in al wat daarna geschre-
ven is. Het was voor de discipelen verbijsterend, zij konden het in eer-
ste instantie nauwelijks geloven (Thomas).

‘Toch was het duidelijk voorzegd in de Schriften.’

Het lijkt voor ons zo eenvoudig, maar als je de Tenach erop na slaat,
is dat lastiger dan je denkt. De Heer voorzegde het wel toen Hij op aarde
rondging. Dat de Zoon van Adam moest lijden en sterven en na drie
dagen opgewekt zou worden door de Vader. Hij deed zeker vier keer
een duidelijke aankondiging van Zijn lijden en sterven en drie keer
staat in Mattheüs, dat Hij ook vertelde dat Hij opgewekt zou worden
(Mattheüs 16:21; 17:23; 20:19).

‘Achteraf merkwaardig, dat Zijn discipelen daarmee niet rekenden,
en kennelijk alleen bedroefd werden over Zijn melding van het lijden.’

Als mens hoor je soms aan dingen voorbij. Het wordt wel gezegd, maar
het dringt niet door. Dat komt door de eigen gedachten van de mens.
Je leest wel in de verslagen van Zijn opstanding dat Zijn discipelen zich
herinnerden wat Hij gezegd had. Toen Hij het zei, drong het niet door,
pas toen Hij hun ogen geopend had, zagen zij het. Hij nam de bedekking
weg en daarna waren zij vol vreugde en niet meer te houden. De aposte-
len getuigden van de opstanding van Christus en waren zich door de geest
van God bewust, waar dat allemaal in de Schriften staat!

‘Dat komt heel vaak voor ja, in de Psalmen, zoals Petrus zegt uit Psalm 16.’

Maar ook in de profeten en in de Thora. In talloze typen, beelden en pro-
fetie wordt melding gemaakt van de opstanding van Christus.
Petrus citeerde uit Psalm 16 en zegt daarbij dat David getuigde van de
levendmaking van de Heer: ‘U maakt Mij het pad van het leven bekend’
is niets minder dan de vreugde uitroep van de Heer Jezus zelf nadat Hij
was opgewekt door de Vader! De dood is daarmee overwonnen!